In de spotlight: dansdocent en danswetenschapper Evelien Maes

Danswetenschapper Evelien Maes. Fotograaf: Henry Ghammache.

Danswetenschapper Evelien Maes. Fotograaf: Henry Ghammache.

INTERVIEW | Dansdocent Evelien Maes (30 jaar) houdt van goed onderbouwd lesgeven. Na haar bachelor Docent Dans bij Fontys volgde ze daarom ook de master Dance Science bij Trinity Laban Conservatoire in Londen. Ze geeft les bij dansscholen en het deeltijds kunstonderwijs in Vlaanderen. Daarnaast werkt ze ook freelance als danser en schrijver. Maak kennis met de nieuwe redacteur Gezondheid & Anatomie van Dansdocent.nu! 

Waarom heb je ervoor gekozen om dansdocent te worden? 

Net zoals de meeste dansdocenten heb ook ik als kind dansles gevolgd bij amateurdansscholen. Op mijn vijftiende werd mij in een van de scholen gevraagd om de jazzlessen voor beginners over te nemen. Die job heb ik dankbaar aangenomen. Het betaalde bitter weinig, maar het was iets dat ik absoluut wilde doen. Ik bleek er talent voor te hebben om voor de klas te staan en de fantasie begon op hol te slaan. De ideeën en tekeningen met plattegronden voor 'de eigen dansschool' lagen al snel op tafel. 

Op mijn achttiende heb ik dan de kans gewaagd en ben ik audities bij dansacademies gaan doen, met het plan om daarna een eigen dansschool op te richten. Via een omweg ben ik echter bij de uitvoerende opleiding Dans Artiest in Arnhem beland. Daarna ben ik overgestapt naar Fontys in Tilburg, waar ik in eerste instantie voor uitvoerend was ingeschreven. Na het eerste jaar heb ik dan toch de keuze gemaakt om af te studeren als docent, omdat dat toen meer aansloot bij het toekomstperspectief dat ik toen had. 

Ben je nog steeds blij met die keuze?

De tekeningen voor de dansschool heb ik waarschijnlijk nog wel ergens liggen, maar het plan voor een eigen dansschool is ondertussen volledig van de tafel geveegd. Op zich betekent dat niet dat ik niet meer blij ben met mijn keuze, maar het toont wel dat ik als persoon veranderd ben. 

De dansopleiding was voor mij een wervelwind aan ervaringen, van prachtige pieken tot enorme dalen. Het heeft een zoektocht in gang gezet die eigenlijk nog steeds bezig is. Ik ben dankbaar dat de opleiding me breed heeft opgeleid en een basis heeft gelegd om in zoveel mogelijke verschillende settings les te kunnen geven. Anderzijds heeft het mij ook verward en voelde ik me beperkt door het label ‘dansdocent’. 

Sommige dansdocenten doen niets liever dan fulltime voor de klas staan. Ik val echter niet in die categorie, besef ik nu. Het is voor mij echt zoeken naar een balans tussen lesgeven, onderzoeken en artistiek exploreren. Tijdens de opleiding lag voor mij de focus teveel op het lesgeven. Het is niet omdat je kiest voor een docentendiploma dat het uitvoerende je niet meer interesseert. En het is ook niet omdat je met elke doelgroep ‘kan’ werken, dat je dat ook wil. Vooral voor dat laatste heb ik me een tijdlang geschaamd. 

Daarnaast is er wat mij betreft ook een keerzijde aan het idee van een ‘brede’ opleiding. Hoe breder je gaat qua kennis, hoe minder tijd je hebt om te verdiepen. En die verdieping bleek nu net te zijn waar ik naar hunkerde. Ik stond er als leerling dan ook om bekend om kritische vragen te stellen. Het was geen verrassing dat de persoonlijke tekst die voorgedragen werd tijdens het afstuderen begon met “Evelien, tja, Evelien die stelt vragen, vragen en nog eens vragen”. 

Hoe heeft de keuze om danswetenschapper te worden jouw visie beïnvloed? 

Het ontdekken van de danswetenschap en de studie in Londen was voor mij echt ‘thuiskomen’. Hoe meer je immers inzoomt op je expertise, hoe meer je omringd wordt door mensen die een gelijkaardige visie en ambitie hebben. Plots was het niet alleen maar ‘Evelien’ die kritische vragen stelde. De danswetenschap heeft voor mij de deuren geopend naar antwoorden die ik bij de docentenopleiding niet kon vinden. Ook heeft het mij verbonden aan de mensen die net als ik op zoek zijn naar die verdiepende antwoorden!

Tijdens de studie werden we dan ook weer - ik durf het bijna niet te zeggen - ‘breed opgeleid’ (fysiologie, biomechanica, psychologie, …) zodat we als wetenschapper zo holistisch mogelijk kunnen kijken naar dans en dansonderzoek. Zowel in het onderzoeken als het toepassen van de theorie naar de praktijk is het belangrijk om altijd een open mind te houden en het grotere plaatje te zien voordat je conclusies trekt. Dit heeft ook als dansdocent mijn blik verder geopend voor nieuwe ontdekkingen via mijn observaties en interacties met de leerlingen. 

Hoe blijf jij op de hoogte van ontwikkelingen in jouw vakgebied?

Ik heb een enorme drang om te groeien. Zodra ik voel dat ik stagneer kom ik mentaal in een dip. Persoonlijke ontwikkeling staat dus hoog op mijn lijstje. De combinatie van bijscholingen en wetenschappelijke artikelen zorgen dat ik me op regelmatige basis verder kan ontwikkelen. Zoals eerder vermeld vind ik het ook zeer belangrijk om met een nieuwsgierige en onderzoekende blik les te geven. Daarnaast ben ik ook een enorme boekenverzamelaar! Er hoeft maar een ballerina op de cover te staan of m’n portemonnee gaat al open (letterlijk).

In Londen ontdekte ik dat er de afgelopen jaren zeer veel gepubliceerd is omtrent danswetenschap. Een aantal boeken hebben een grote impact op mij gehad. Ik denk dan vooral aan ‘Dance Anatomy and Kinesiology’ van Karen Clippinger, een fantastisch uitgebreid boek voor iedereen met een interesse in danswetenschap en een nieuwsgierigheid naar de werking van het danslichaam. Ook ‘Motor Learning and Control for Dance’ van Donna H. Krasnow en M. Virginia Wilmerding (beiden ook bekende dansonderzoekers), ‘The Psychology of Perfectionism in Sport, Dance and Exercise’ samengesteld door Andrew P. Hill en ‘The Neurocognition of Dance’ (Bettina Bläsing, Martin Puttke en Thomas Schack) wil ik zeker aanraden. Al deze boeken zijn gebaseerd op degelijk gepubliceerde onderzoeken, maar zijn voor iedereen goed leesbaar.   

Je bent redacteur Gezondheid & Anatomie bij Dansdocent.nu. Wat kunnen lezers komend jaar van jou verwachten?

Ik heb een enorme behoefte om de kloof tussen de wetenschap en de danspraktijk te verkleinen. Dit magazine is het ideale platform om dat te doen! 

Dansdocentschap is vaak nog gebaseerd op traditionele methodes die overgeleverd zijn zonder ze echt in vraag te stellen. Daarbij worden de eisen voor dansers steeds hoger en krijgen we het blessurepercentage maar niet omlaag. Doordat ik als dansdocent nog actief ben in het werkveld ervaar ik zelf een deel van de vraagstukken die beantwoord moeten worden, maar ook in gesprekken met collega’s zie ik dat we blijven hangen in de overtuiging dat de tradities ons veilig tot de top zullen brengen. 

Ik weet ook dat er al veel antwoorden zijn, maar deze kennis bruikbaar maken voor een educatieve setting is niet evident. Ook sportwetenschappelijke artikelen betrekken op dansers is geen vanzelfsprekendheid. Ik hoop dat mijn artikelen een brug kunnen vormen van het laboratorium naar de dansstudio. Daarnaast wil ik met de artikelen ook de blikken van dansdocenten verruimen en vanuit de wetenschap inspiratie geven om nieuwe methodes uit te proberen en te experimenteren. 

Wat is het meest inspirerende moment dat je afgelopen jaar met jouw dansleerlingen hebt meegemaakt?

We komen het allemaal wel eens tegen: één van mijn klassen aan het begin van dit schooljaar zoog mijn energie. Ik kreeg voor mijn gevoel niets terug van de klas en ik kreeg ze met geen enkele vorm van inspiratie in beweging. Twee simpele vragen tijdens een kringgesprek waren de sleutel tot een omkering die deze klas nu tot een van mijn favoriete groepen heeft getransformeerd: "We doen ballet, maar hebben jullie ooit al eens ballet gezien", en "Wat willen jullie eigenlijk leren in de dansles". 

Het antwoord op de eerste vraag was 'nee'. Ze wisten dus ook niet 'waarom' ze bepaalde oefeningen deden, en 'waarom' ik bepaalde correcties maar bleef herhalen. Enkele pliés op een Vaganova-youtube filmpje met Russische leeftijdsgenootjes, en plots staat iedereen geconcentreerd en vol overgave aan de barre. 

De tweede vraag kregen ze wel makkelijk beantwoord. Luidkeels klonk het "SPAGAAT, JA SPAGAAT! JA IK WIL OOK SPAGAAT". We zijn onder het motto 'meten is weten' de spagaten en splits vervolgens gaan opmeten. De leerlingen vragen elke les of er 'alweer opnieuw gemeten mag worden' om te zien of ze al leniger geworden zijn of niet want 'ze hebben thuis geoefend'. Het uiteindelijke doel is niet dat iedereen spagaat kan, maar dat ze betrokken zijn bij hun persoonlijke proces om te groeien, mentaal én fysiek. En dat draagt bij aan elk element van de dansles.  

Als ik er nu op terugdenk moet ik lachen hoe uitzichtloos het in het begin van het jaar leek en hoe eenvoudig die situatie opgelost is. ‘Keep it simple’ was de les die ik heb geleerd: blijf open, blijf vragen stellen aan jezelf en je leerlingen. En blijf zoeken naar een oplossing!  

Evelien Maes met haar leerlingen van Elevation DanceCademy.

Evelien Maes met haar leerlingen van Elevation DanceCademy.


IN DE SPOTLIGHT

Dansdocent ben je omdat het je passie is, maar wat meer respect en erkenning zou ook fijn zijn. Toch? Daarom interviewen wij regelmatig leden van Dansdocent.nu om hen in de schijnwerpers te zetten en de aandacht te geven die zij verdienen. We vragen hen waarom ze dansdocent zijn geworden, hoe ze het ervaren en wat ze nog zouden willen meemaken. Ook interviewen we regelmatig vooraanstaande en populaire dansdocenten. Laat je inspireren door deze mooie mensen!

Jacqueline.png

Jacqueline de Kuijper

Danswetenschapper Jacqueline de Kuijper is de oprichter en hoofdredacteur van Dansdocent.nu. Ze studeerde danswetenschappen aan Mills College in Californië. Daar kwam ze in aanraking met progressieve theorieën over educatie. Naast het aansturen van de andere redacteuren, is ze verantwoordelijk voor de artikelen ‘Dansdocent in the spotlights’.